Kandidaatsinformatie

Mijn naam is: Martin van der Spek en ik ben 53 jaar oud. Ik ben opgeroeid op een boerderij in Moerkapelle, en in dat dorp wonen wij nog steeds. 32 jaar geleden getrouwd,  vader van 5 kinderen, en inmiddels ook opa van 6 kleinkinderen. Kerkelijk zijn wij aangesloten bij de Gereformeerde Gemeente in Moerkapelle.

Scholing en ervaring: Gezien mijn sterke verbondenheid met de agrarische sector heb ik dus ook een agrarische opleiding afgerond. Na deze opleiding heb ik een aantal jaren diverse functies bekleed in de agrarische handel, zoals Veilingmeester en Centraal Inkoper bij een groot exportbedrijf. De kennis en ervaring die ik daar heb opgedaan heb ik nog een aantal jaren gebruikt als verkoop coördinator bij  een grote afzetcoöperatie in de groentesector.

In 2001 heb ik de overstap gemaakt naar de financiële dienstverlening, en heb ik een eigen adviespraktijk gestart. Zo heb ik veel kennis van verschillende sectoren opgedaan, en de zaken die daarin spelen. Met name de kennis van meerdere sectoren geeft een breed beeld van de verschillende belangen die er spelen.

Hobby’s en vrije tijd: Ik werk graag in mijn eigen tuin, en we proberen zoveel mogelijk tijd aan onze kleinkinderen te besteden. In de zomervakantie huren we graag een boot om Nederland ook van die kant te beleven. En uiteraard help ik nog erg graag mee op het ouderlijk bedrijf.

Interesse in de politiek: Wij zijn van oudsher erg betrokken op de politiek en maatschappij. Vanwege drukke werkzaamheden heeft dit de afgelopen jaren niet de plaats gekregen die ik graag had gewild. De afgelopen decennia hebben we een dijkdoorbraak meegemaakt en een aardverschuiving, als het gaat om collectief normbesef. Bij de dijken die we nog wel hebben wil ik graag helpen dit te voorkomen.

Voor het waterschap belangrijk:  Het waterschap heeft altijd een zeer belangrijke taak gehad als het gaat om waterbeheer. En dat in brede zin. Dus zowel de veiligheid achter de dijk als de kwaliteit van het water. Niet te veel, en niet te weinig. Door de klimaatverandering worden deze taken nog belangrijker. Belangrijk is daarbij ook dat de waterschappen zelf gezond zijn.

Wat mag er veranderen en wat willen we behouden: Er zullen zaken veranderen, of we willen of niet. Wij hebben als Nederland maar een kleine inbreng op het totale wereldklimaat. Tegelijkertijd een onevenredig grote economie. Dus ja, we moeten veranderen om ons klimaat leefbaar te houden. Maar we zullen dan ook “schoon” moeten inkopen, anders zet het nog geen zoden aan de dijk.

Wat we absoluut moeten behouden is tussen alle bebouwing door ruimte voor een volwaardige agrarische sector. Voedselveiligheid en voedselzekerheid zijn net zo belangrijk als waterbeheer. Stad en het platteland moeten geen tegenstelling zijn, maar aanvullend naar elkaar. Ruimte voor de agrarische sector geeft voedsel in de stad, en recreatie voor de stedeling. Is er in de wereld een grote stad te vinden die in staat is zichzelf van binnenuit te voeden? Dat is pas milieu bewust. Daar moeten we zuinig op zijn.